|
Naar gewoonte trouwt hij in
de familie, met een dochter van Sultan Hamengku Buwana II, een volle nicht dus.
De gewoonte om met familie te trouwen verdwijnt pas na de uitroeping van de Republiek
Indonesie.
Op 23 juli 1858 overlijdt Paku Alam II op 73 jarige leeftijd. Hij wordt opgevolgd door
zijn vierde zoon Pangeran Sasraningrat. Dit komt doordat de oudste zoon krankzinnig is en
de tweede kort tevoren gestorven is. Paku Alam III regeert niet lang, al in 1864 overlijdt
hij.
Daar Paku Alam III geen meerderjarige, wettige zoon nalaat, wordt de oudste zoon van zijn
overleden broer, Pangeran Nataningrat aangesteld onder de naam Pangeran Hadipati
Suryo Sasraningrat, op dat moment pas 24 jaar oud. Hierdoor komt een andere tak van de
familie aan het bewind.
Paku Alam IV is een zwakke persoonlijkheid die zonder mannelijke nakomelingen op 24
september 1878 overlijdt
 |
|
| Een andere zoon van Paku Alam
II, Pangeran Harya Suryodilogo wordt de nieuwe Paku Alam V. De krant "De
Locomotief" van 27 september 1878 noemt hem "the right man on the right
place". Hij is een beminnelijke persoonlijkheid met beschaafde omgangsvormen,
energiek en tactvol. Paku Alam V is een vorstelijke baanbreker, die onder de hoogadelijke
en conservatieve kringen het onderwijs ingang doet vinden en de geestelijke ontwikkeling
van de jeugd metterdaad aanmoedigt. Hij geeft zijn kinderen een westerse opvoeding en laat
hen onderwijs volgen. Hierdoor geldt het Huis Paku Alam als het meest verlichte van de
Javaanse Vorstenhuizen.
De prinsen Kusumo Judo (later lid van de Raad van Indië), Notodirodjo en de later Paku
Alam VI kunnen hierdoor de Europese lagere school bezoeken. Raden Mas Notodirodjo bezoekt
later ook de HBS eerst in het toenmalige Batavia en later in Semarang
 |
|
Als hij van school komt wordt
hij tot officier bij het Legioen van de Paku Alam opgeleid.
Op 20 maart 1883 wordt Paku Alam V de rang van kolonel à la suite verleend en krijgt hij
het Ridderkruis van de Orde van de Nederlandse Leeuw. Dat zelfde jaar wordt Notodirodjo
(pas 25 jaar oud) tot Pangeran benoemd. Kort daarop wordt hij belast met het beheer van
een deel van de financiën van het Paku Alamse Huis. Hij doet dit zo goed, dat hem al
spoedig de gehele portefeuille van Financiën wordt toevertrouwd. Dit is geen gemakkelijke
taak, daar de staatskas door de opbruisende levenswijze van de pracht en praal lievende
Paku Alam IV zo goed als leeg is.
Door zijn goed beleid wordt er evenwicht in de uitgaven en ontvangsten van het rijk
bereikt, zij het niet op een gemakkelijke manier: de Pageran controleert alles zelf, vaak
buiten de officiële ambtenaren om, die veelal niet goed functioneren. |
|